Paragraaf "Plezier" uit Het plezier van de tekst

PvdT

Plezier van de tekst. Klassieken. Cultuur (hoe meer cultuur, hoe groter, diverser het plezier). Intelligentie. Ironie. Fijnzinnigheid. Euforie. Meesterschap. Veiligheid: levenskunst. Het plezier van de tekst laat zich door een praktijk definiëren (zonder enig gevaar voor onderdrukking): plaats en tijd van lezen: huis, provincie, vlak voor het eten, lamp, gezin, daar waar het thuishoort, dat wil zeggen op afstand maar niet afstandelijk (Proust in zijn naar irissen geurende werkkamer), enzovoort. Buitengewone versterking van het ik (door het fantasma); gewatteerd onbewuste. Dit plezier kan gezegd worden: daar komt de kritiek vandaan.

Teksten van genot. Het plezier in brokken; de taal in brokken; de cultuur in brokken. Zij zijn pervers, voorzover zij buiten ieder denkbaar doel staan - zelfs die van het plezier (het genot dwingt niet tot het plezier; het kan zelfs ogenschijnlijk vervelen). Geen enkel alibi blijft staande, niets herstelt zich, niets wordt teruggewonnen. De tekst van genot is absoluut intransitief. Toch is de perversie alleen niet toereikend om het genot de definiëren; het extreem van de perversie definieert het: het steeds weer verschoven extreem, het lege, beweeglijke, onvoorspelbare extreem. Dit extreem garandeert het genot: een gemiddelde perversie verstrikt zich spoedig in een spel van ondergeschikte doelen: prestige, openlijk vertoon, wedijver, geredeneer, gepronk, enzovoort.

Iedereen kan getuigen dat het plezier van de tekst niet zeker is: niets zegt dat dezelfde tekst ons een tweede keer zal behagen: het is een broos, door stemming, gewoonte, omstandigheden brokkelig geworden plezier, het is een onzeker plezier (verkregen door een stille bede tot de Lust zich goed te voelen, en die deze Lust onverhoord kan laten); vandaar de onmogelijkheid om over deze tekst te spreken vanuit het gezichtspunt van de positieve wetenschap (haar jurisdictie is die van de kritische wetenschap: het plezier als kritische principe).

Het genot van de tekst is niet onzeker, het is erger: voortijdig; het komt niet op de juiste tijd, het hangt van geen enkele rijping af. Alles wordt ineens meegesleept. Deze vervoering is evident in de schilderkunst, die heden ten dage gemaakt wordt: zodra men het principe van dit verlies begrijpt, verliest het zijn werking en moet men op iets anders overgaan. Alles speelt zich af, alles wordt genoten in de eerste oogopslag.


Terug naar het begin van deze pagina
20-03-2004