Friedrich Nietzsche

Oneigentijdse beschouwingen

 

Oorspronkelijke titel: Unzeitgemässe Betrachtungen I-IV, 1876
Vertaling: Graftdijk, 1983
Uitgever: De Arbeiderspers
ISBN-10: ISBN-10: 90-295-3249-1
ISBN-13: ISBN-13: 978-90-295-3249-5

Reeks Synopsis. Ook als ISBN 9029535016 (1998, Nietzsche bibliotheek)

Flaptekst

Tussen 1873 en 1876 publiceert Friedrich Nietzsche de vier polemische beschouwingen die hem van klassiek filoloog ineens tot de invloedrijkste criticus en cultuurfilosoof van zijn tijd maken. Nietzsche is negenentwintig en een veelbelovende carrière als hoogleraar in Bazel lijkt juist begonnen als hij zich in zijn eerste 'Oneigentijdse beschouwing' met grote heftigheid keert tegen het zelfvoldane vooruitgangsgeloof van zijn tijd, gepersonifieerd in David Strauss. Nietzsches dionysische, anti-moralistische levensfilosofie richt zich tevens tegen een traditie in hel Europese humanisme sedert de Verlichting, die volgens hem op fatale verburgerlijking dreigt uit te lopen. In zijn kritiek speelt ook actueel engagement mee tegen wat hij na de Pruisische overwinning van 1870-7 1 is gaan zien als Duitse politieke zelfvergroting,
Deze ontwikkeling is ook terug te vinden in de Duitse muziekgeschiedenis vanaf Bach tot en met Wagner. Want al zet Nietzsche in een van zijn beschouwingen een zeer positief profiel van Wagner neer als componist van een nieuwe tijd, de eerste klanken van kritiek zijn ook al hoorbaar.
De kracht van deze ‘Oneigentijdse beschouwingen’ ligt niet alleen in het feit dat ze sleutelteksten zijn tot Nietzsches ontwikkeling als filosoof met de hamer. Deze beschouwingen zijn tevens, voor wie Nietzsche tot nu toe voornamelijk leerde kennen uit de korte en aforistische stukken, overtuigende bewijzen van zijn grootheid als kristalhelder essayist.

* Dat filosofie geen koude abstractie, maar leven, lijden, offeren voor de mensheid is, wordt bewezen door het leven en noodlot van Nietzsche.Thomas Mann

flaptekst uitgave Nietzsche bibliotheek
In 1873 verschijnt in Duitsland een schotschrift van de jonge, onbekende hoogleraar Friedrich Nietzsche. In deze 'oneigentijdse beschouwing' wordt de vloer aangeveegd met David Friedrich Strauss, de in die tijd beroemde theoloog die na zijn breuk met het christendom een soort verlichte godsdienst wil stichten. De vehemente tirade van Nietzsche trekt onmiddellijk de aandacht van de pers en maakt de schrijver op slag beroemd. In de jaren erna verschijnen er nog drie van deze oneigentijdse beschouwingen. In de tweede, 'Over nut en nadeel van de geschiedenis', stelt hij de historische ziekte van zijn tijd aan de kaak. In 'Schopenhauer als opvoeder' zingt Nietzsche de lof van zijn grote leermeester en presenteert hij zich als grote filosoof die zijn illustere voorganger naar de kroon steekt. In 'Wagner in Bayreuth' ten slotte schildert hij een sterk geïdealiseerd portret van deze totaalkunstenaar aan de vooravond van de eerste Bayreuther Festspiele.

Het centrale thema van deze vier beschouwingen is de culturele verslapping en zelfvoldaanheid waarmee het Duitse volk na de glorieuze overwinning in de oorlog van 1870-1871 met Frankrijk is weggedommeld. Oneigentijds zijn ze in die zin dat ze zich kanten tegen de tijdgeest. Nietzsche houdt de burgerlijke samenleving een spiegel voor waarin de illusies van vooruitgang en verlichting scherp staan afgetekend. (uitgave Nietzsche bibliotheek)

 

 

email

contact

wie ben ik